skip to Main Content

Stichting ZEHG

Groot Zuideveld 152

4271 CD Dussen

RSIN: 853225345

KvK: 58889914

Rekeningnummer: NL98RABO0138707030

Heb je vragen of wil je contact met ons? Stuur en berichtje via het contactformulier hiernaast.

LET OP!

Ben je journalist/redacteur en wil je in contact komen met ons? Stuur dan een email naar media@zehg.nl

    Hoe heet je? (verplicht)

    Je e-mail (verplicht)

    Onderwerp

    Je berichtje

    Welkom op de informatiepagina voor zorgprofessionals van Stichting ZEHG. Uit de ervaringsverhalen die wij van vrouwen met HG krijgen, blijkt dat er al veel goed gaat in de manier waarop zorgverleners omgaan met vrouwen die kampen met (ernstige) zwangerschapsmisselijkheid of hyperemesis gravidarum. Helaas is er ook nog ruimte voor verbetering. En dat is een mooie kans, want hoe zorgverleners omgaan met deze vrouwen heeft een groot aandeel in hoe vrouwen met (ernstige) zwangerschapsmisselijkheid en HG hun ziekte periode ervaren. Daarom zetten we hier informatie neer die zorgverleners kunnen gebruiken als ze vrouwen met HG behandelen. Ook geven we tips om met deze vrouwen en hun familie om te gaan, tips die door deze vrouwen zelf zijn aangereikt.

    Info video Hyperemesis Gravidarum

    Hyperemesis gravidarum

    Hyperemesis gravidarum (HG) is een ernstige vorm van misselijkheden en braken in de zwangerschap. HG onderscheidt zich van ‘normale’ zwangerschapsmisselijkheid door enerzijds de ernst van de klachten, anderszijds doordat de aandoening samengaat met langdurig onvoldoende orale intake, gewichtsverlies, dehydratie en elektrolytstoornissen (met name hyponatriëmie en hypokaliëmie) BRON

    HG treedt bij 0.2 – 3.6 % van de zwangeren op, en is de voornaamste oorzaak van een ziekenhuisopname in de eerste helft van de zwangerschap BRON. Deze aandoening kan nadelige effecten hebben op de gezondheid van de zwangere en kan een grote impact hebben op het dagelijks functioneren en kwaliteit van leven BRON. De gevolgen kunnen zo groot zijn dat een gewenste zwangerschap wordt afgebroken BRON. Daarnaast zijn er aanwijzingen dat HG ook negatieve gevolgen heeft voor de gezondheid van het (ongeboren) kind. Risico’s en gevolgen voor zowel moeder en kind leest u onder ‘Risico’s en gevolgen HG‘.

    Er is op dit moment geen test om de diagnose HG te stellen of de ernst te meten. HG wordt gediagnosticeerd op basis van het klinisch beeld. Daarnaast is er nog geen internationale consensus over de definitie van HG, hierdoor is het lastig onderscheidt te maken tussen zwangerschapsmisselijkheid en HG. Veel gebruikte diagnostische criteria zijn: misselijkheid en braken vanaf vroeg in de zwangerschap, gewichtsverlies, dehydratie en elektrolytstoornissen. BRON

    De definitie die op dit moment voornamelijk voor HG aangehouden wordt is als volgt: HG is een potentieel levensbedreigende zwangerschapsaandoening, gekenmerkt door gewichtsverlies, ondervoeding, uitdroging en verlies van functioneren in het dagelijks leven door extreme misselijkheid en/of braken, en kan op langer termijn gevolgen hebben voor de gezondheid van moeder en baby(‘s).

    Daarnaast schrijft Pregnancy Sickness Support het volgende over diagnostisering:
    When diagnosing NVP and HG it is important to rule out other potential causes of nausea and vomiting particularly where symptoms start after the first trimester or where epigastric pain is present. In such cases investigations may be required to rule out other serious conditions such as peptic ulcer, appendicitis, gastro-intestinal obstruct, urinary tract infection to name but a few.

    In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt, is er geen verband tussen ketonurie en de ernst van HG. Bovendien is ketonurie geen graadmeter voor dehydratie. Het meten van ketonen in de urine heeft dan ook geen toegevoegde waarde bij de diagnostiek of het vaststellen van de ernst van HG. BRON Onder ‘Rehydratie‘ vindt u meer informatie over ketonurie en dehydratie. Gebruik eventueel de Rhodes Index of Vomiting, Nausea and Retching om de ernst van de misselijkheid helder te krijgen.

    Tot nu toe is de etiologie van HG onbekend, er is wel een vermoeden van een multifactoriële oorzaak.

    hCG en afwijkende placentaire groei en ontwikkeling
    Er wordt gedacht dat stijgende levels van hCG misselijkheid en HG via verschillende wegen kunnen veroorzaken, bijvoorbeeld door de stijging van andere hormonen zoals schildklierhormonen en estradiol. Hoewel de meerderheid van de studies over de link tussen hCG en HG een positieve associatie beschrijven, is er door het verschillende gebruik van definities en uitkomstmaten een beperkte mogelijkheid een meta-analyse uit te voeren en blijven de uitkomsten twijfelachtig. BRON
    Hoge levels hCG in het tweede trimester worden mogelijk veroorzaakt door abnormale placentatie. Bolin et al vond in een studie een associatie met placentale afwijkingen en HG.

    Helicobactor pylori-infectie
    Een meta-analyse uit 2015 suggereert dat een Helicobactor pylori-infectie geassocieerd wordt een verhoogd risico op HG:
    ”In conclusion, our meta-analysis suggested that there was a strong association between H. pylori infection and HG, allowing us to conclude that H. pylori should, therefore, be considered as one of the risk factors of HG. Screening for H. pylori should be added to the investigations for HG, especially in the developing countries. Appropriate therapeutic regimens for eradication of H. pylori could be considered to relieve the symptoms of HG in some intractable cases.”

    In de afgelopen jaren zijn er nieuwe inzichten gekomen, hierdoor wordt er nu ook gedacht aan een genetische factor in de oorzaak van HG.

    Erfelijk bepaald
    Meerdere onderzoeken laten zien dat de ernst en de duur van misselijkheid en braken in de zwangerschap in sterke mate erfelijk wordt bepaald. BRON
    Vrouwen met een moeder die HG heeft gehad, hebben zelf een drie keer zo grote kans om de aandoening te ontwikkelen. BRON

    Het GDF15- en IGFBP7-gen
    In Koot, M. H. (2019). Hyperemesis gravidarum: Definition, treatment, prognosis and offspring outcome wordt het volgende geschreven over GDF-15 en IGFBP7:
    ”Recentelijk werd in een genoombrede associatiestudie een verband gevonden tussen genetische varianten van het GDF15- en IGFBP7-gen en HG. BRON In een andere studie werd gevonden dat zwangeren met ernstige klachten van misselijkheid en braken een verhoogde serumconcentratie van GDF15 hadden. BRON GDF15 is een hormoon dat een effect heeft op de eetlust en wordt sterk tot expressie gebracht in trofoblastcellen van de placenta. GDF15 werd eerder geïdentificeerd als een belangrijke factor in het ontstaan van kankercachexie, die gekenmerkt wordt door misselijkheid, gewichtsverlies en spierverval.” BRON

    Toekomstig research is nodig om het verband tussen GDF15 en HG verder te onderzoeken.

    Risicofactoren
    Een literatuurstudie van Ismail en Kenny (2007) laat verschillende risicofactoren bij HG zien: vrouwen met HG zijn onder andere gemiddeld genomen jonger, zijn vaker niet-rokers, hebben vaker een tweelingenzwangerschap en hebben vaker een geschiedenis met psychische stoornissen. Andere risicofactoren voor hyperemesis gravidarum zijn een eerder doorgemaakte hyperemesis gravidarum zwangerschap, molazwangerschap, nullipariteit, lage sociaaleconomische status, niet-Westerse achtergrond, druggebruik, pre-existente hypertensie en diabetes mellitus. BRON

    Psychische oorzaak?
    Het idee dat HG veroorzaakt wordt door psychische problemen is inmiddels achterhaald. HG wordt door allerlei instanties als zwangerschapsaandoening aangemerkt. Soms wordt toch getracht achter een mogelijk ‘trauma’ te komen, wat ten grondslag zou liggen aan de HG. Vrouwen worden hier emotioneel van, waardoor ze vaak juist op dat moment gaan overgeven. Iets wat dan weer als teken wordt gezien dat dit psychische probleem de oorzaak is van de HG. Het is echter zo dat HG verergert als vrouwen heftige emoties (zowel negatieve als positieve) ervaren, ‘beschuldigd’ worden van een onbekend emotioneel trauma zal dus in veel gevallen zorgen voor overgeefsessies, ook als van enig trauma geen sprake is. Meer informatie hierover, is te lezen in het volgende artikel van Dr Margaret O’Hara.

    Geaccrediteerde bijscholing Hyperemesis Gravidarum

    Van ''uitgekotst'' onderwerp naar betere zorg

    Wist u dat Stichting ZEHG in samenwerking met verloskundige Marjolein Houben geaccrediteerde bijscholingen over hyperemesis gravidarum verzorgd? Zowel op trainingslocaties door het hele land als incompany.

    HG trainingen

    Speciaal voor diëtisten

    Wist u dat Stichting ZEHG in samenwerking met diëtist Laura Kool trainingen over hyperemesis gravidarum verzorgd speciaal voor diëtisten?

    Behandeling en begeleiding

    De NVOG heeft (nog) geen richtlijnen opgesteld voor de behandeling van HG. Hierdoor komt het voor dat HG bij verschillende ziekenhuizen op verschillende manieren behandeld wordt en dat medicijnen die in het ene ziekenhuis wel gegeven worden in het andere ziekenhuis niet worden voorgeschreven. Ook de KNOV heeft (nog) geen richtlijnen opgesteld voor de behandeling van HG. Wij zetten hieronder graag alles, aan de hand van de laatste onderzoeken, op een rij.

    Protocol voor behandeling van HG
    De NVOG (de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie) heeft (nog) geen richtlijnen opgesteld voor de behandeling van HG. Hierdoor komt het voor dat HG bij verschillende ziekenhuizen op verschillende manieren behandeld wordt en dat medicijnen die in het ene ziekenhuis wel gegeven worden in het andere ziekenhuis niet worden voorgeschreven. Ook de KNOV (de beroepsvereniging voor verloskundigen) heeft (nog) geen richtlijnen opgesteld voor de behandeling van HG.

    Momenteel is er een internationaal project met als doel overeenstemming te bereiken over de definitie van HG. Zowel onderzoekers, zorgverleners als patiënten zijn hier bij betrokken. Middels de Delphi-methodiek wordt er afgesproken aan welke criteria patiënten met HG (in elk geval) moeten voldoen. Op dit moment is er in Nederland een grote mate van behandelvariatie voor HG.

    Een eenduidige Nederlandse richtlijn zou kunnen bijdragen aan minder variatie tussen zorgverleners. Op dit moment wordt er gewerkt aan de eerste Nederlandse landelijke richtlijn voor de behandeling van HG, Stichting ZEHG is hierbij nauw betrokken. Zodra hier meer over bekend is, updaten wij deze pagina. Tot die tijd verwijzen wij graag naar de RCOG guideline: The Management of Nausea and Vomiting of Pregnancy (NVP) and Hyperemesis Gravidarum.

    Behandelschema

    Afkomstig uit proefschrift Koot, M. H. (2019). Hyperemesis gravidarum: Definition, treatment, prognosis and offspring outcome.

    De Amerikaanse stichting HER foundation heeft op haar website ook een protocol staan voor de behandeling van HG.

    Richtlijn NHG ten aanzien van (hyper)emesis gravidarum
    Onderstaande informatie wordt als NHG standaard weergegeven op de website van het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) (dd 29-1-2016) bij zwangerschapsmisselijkheid en braken:
    * Bij matige klachten: gember (4 dd 250 mg). Bij ernstige hinder: meclozine (’s avonds 12,5 mg) of metoclopramide (1 tot 3 dd 10 mg). Verwijs bij hyperemesis.
    * Bij misselijkheid in de tweede helft zwangerschap: denk aan hypertensieve aandoeningen.

    Misselijkheid en braken treden ongeveer bij de helft van de zwangeren op. De klachten beginnen vóór de negende zwangerschapsweek en zijn bij 90% van de vrouwen verdwenen na 4 maanden zwangerschap en kunnen dan als fysiologisch worden beschouwd. Bij langer aanhoudende klachten of bij klachten die later in de zwangerschap ontstaan, moet men bedacht zijn op andere oorzaken en is nader onderzoek geïndiceerd. Denk bij misselijkheid later in de zwangerschap ook aan pre-eclampsie en HELLP.

    Bij fysiologische vormen van misselijkheid en zwangerschapsbraken is de beste benadering de zwangere zelf te laten ontdekken welke voeding zij het beste verdraagt. Soms helpen frequente kleine maaltijden en rust, want vermoeidheid kan de misselijkheid verergeren. Meestal blijven de problemen beperkt en gaan ze vanzelf over.

    Bij matige klachten kan als zelfzorg gember (4 dd 250 mg) worden geadviseerd.
    Bij ernstige hinder kan medicatie wenselijk zijn. In aanmerking komen meclozine of metoclopramide. Start met meclozine 12,5 mg ’s avonds tot maximaal 2 dd 12,5 mg. Geef als tweede keus metoclopramide, maximaal 3 dd 10 mg. Meclozine in combinatie met pyridoxine (vitamine B6) wordt niet aangeraden vanwege het ontbreken van bewijs dat vitamine B6 bijdraagt aan het verminderen van de misselijkheid.

    Staak de medicatie bij verbetering of na het eerste trimester. Als het braken dusdanig ernstig is dat dehydratie dreigt en ketonen in de urine verschijnen, spreekt men van hyperemesis gravidarum en is verwijzing geïndiceerd.

    Onderschat de impact van hyperemesis gravidarum niet 
    In Women’s perspectives on the management and consequences of hyperemesis gravidarum werden 107 vrouwen geïnterviewd die zwanger waren of zwanger waren geweest (korter dan twee jaar geleden) en HG hadden. Uit dit onderzoek bleek dat de psychosociale gevolgen voor deze vrouwen groot zijn. De helft van de vrouwen voelde zich niet serieus genomen voelde door de huisarts of verloskundige, 19% van deze vrouwen veranderde zelfs van huisarts door onvrede over de begeleiding, en pas laat in de zwangerschap werd medicatie gestart; van de vrouwen die met ziekteverlof ging, kreeg 54,5% nog geen medicamenteuze behandeling. HG is zeldzaam en in dit onderzoek werd een geselecteerde groep vrouwen geïnterviewd: toch kan er geconcludeerd worden dat het belangrijk is de klachten serieus te nemen en op tijd medicamenteuze behandeling te starten. Ook Huisarts & Wetenschap schonk aandacht aan dit onderzoek en adviseerde huisartsen het volgende: ”De NHG-Standaard Zwangerschap en kraamperiode adviseert meclozine als middel van eerste en metoclopramide als middel van tweede keus. Beide middelen kunnen veilig worden gebruikt in de zwangerschap. Verwijs bij hyperemesis.”

    Op de ZEHG pagina ‘Medicijnen’ hebben wij een overzicht gemaakt van veel gebruikte medicatie bij de behandeling van HG.

    Tevens verwijzen wij u graag naar de Special: Ondansetron. Als vertegenwoordiger van duizenden vrouwen in Nederland die hyperemesis gravidarum hebben of hebben doorgemaakt, sluiten wij ons aan bij de uitingen van de volgende onderzoeken. Hyperemesis gravidarum is een aandoening met potentieel zeer ernstige gevolgen voor moeder en kind. Bij de afweging welke medicatie de juiste is, is het van groot belang het perspectief van de cliënt mee te laten wegen, goede voorlichting te geven en de ernst van deze aandoening niet te onderschatten.

    In de meeste ziekenhuizen is er een lokaal protocol aanwezig waarin naast medicamenteuze behandeling, intraveneuze rehydratie de voornaamste behandeling is bij HG. Helaas is er op dit moment nog geen eenduidige landelijke Nederlandse richtlijn: dit zou kunnen bijdragen aan minder variatie in behandeling tussen zorgverleners en een eenduidig behandelschema. Op dit moment verschilt het per ziekenhuis, en soms zelfs per arts, of rehydratie in dagopname of tijdens klinische opname plaatsvindt.

    Ketonurie
    Eén van de veel gebruikte graadmeters om uitdroging te bepalen en daarmee te bepalen of een vrouw wordt opgenomen voor vochttoediening is op dit moment het meten van ketonen.

    Ketonen worden gevormd wanneer het lichaam zijn eigen vet gaat verbranden door een voedseltekort (verhongering). Ketonen hebben niets te maken met de mate van uitdroging. Er is geen verband tussen ketonen en de ernst van HG. Het meten van ketonen in de urine heeft daarom geen toegevoegde waarde bij diagnose van HG en zou niet gebruikt moeten worden om (de ernst van) HG vast te stellen en wel of geen behandeling aan te bieden!

    “In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt bestaat er geen associatie tussen ketonurie en de ernst van HG. Bovendien is ketonurie geen graadmeter voor dehydratie. Het meten van ketonen in de urine heeft daarom ook geen toegevoegde waarde bij de diagnostische work-up van HG.

    Ketonen worden gevormd wanneer het lichaam zijn eigen vet gaat verbranden door een voedseltekort. Op dit moment wordt in verschillende HG richtlijnen en protocollen geadviseerd het aantal ketonen in de urine te meten en daar de behandeling op aan te passen. Wij vonden geen verband tussen de mate van ketonurie en de ernst van HG, gedefinieerd als de ernst van misselijkheid en braken, de kwaliteit van leven van de moeder en de hoeveelheid gewichtsverlies. Opvallend genoeg vonden wij wel dat vrouwen met meer ketonen in de urine gemiddeld langer opgenomen waren in het ziekenhuis. Dit zou erop kunnen wijzen dat dokters en andere zorgverleners de duur van de ziekenhuisopname laten afhangen van de mate van ketonurie. Op basis van deze resultaten raden wij het meten van ketonen in de urine bij vrouwen met HG af.” – Uit: Koot, M. H. (2019). Hyperemesis gravidarum: Definition, treatment, prognosis and offspring outcome


    Dagopname vs. klinische opname
    In Koot, M. H. (2019). Hyperemesis gravidarum: Definition, treatment, prognosis and offspring outcome wordt het volgende geschreven over het verschil tussen deze twee settings: ”Twee onderzoeken, uit Engeland en Ierland, vonden geen verschil in uitkomsten en tevredenheid van patiënten tussen deze twee verschillende settings. BRON,BRON  Wel bleek klinische behandeling substantieel hogere zorgkosten te hebben dan dagbehandeling. BRON De richtlijn van de RCOG raadt intraveneuze rehydratie met natriumchloride en kaliumsuppletie aan, terwijl elektrolyten gemonitord worden. BRON Glucose oplossingen hebben geen voordeel t.o.v. natriumchloride en kunnen bijdragen aan exacerbatie van ernstige hypokaliaemie en kunnen Wernicke encefalopathie luxeren. bron Het is sterk te overwegen om thiamine te suppleren om het risico op Wernicke encefalopathie te verminderen. BRON

    Mother Trial
    Mother Trial stelde het volgende over het inzetten van sondevoeding, naast het toedienen van vloeistof via het infuus. Het volledige onderzoek vindt u hier: Early enteral tube feeding in optimizing treatment of hyperemesis gravidarum: the Maternal and Offspring outcomes after Treatment of HyperEmesis by Refeeding (MOTHER) randomized controlled trial

    Het geboortegewicht
    In ons onderzoek hebben we gekeken wat voor effect het geven van sondevoeding heeft op het geboortegewicht van het kindje. Uit de resultaten blijkt dat het geven van sondevoeding daar geen invloed op heeft. Tussen de gemiddelde geboortegewichten bij beide groepen was namelijk geen opvallend verschil te zien dat door het verschil in behandelingen zou kunnen komen. Verder zagen wij ook geen verschil tussen de twee groepen in het aantal vrouwen dat te vroeg beviel.

    Het beloop van Hyperemesis Gravidarum (HG)
    Tijdens de zorgevaluatie hebben wij gelet op het beloop van HG. Met het beloop van de ziekte bedoelen wij de duur en de frequentie van de ziekenhuisopnames en de ernst van de klachten die patiënten hebben ervaren van HG. Uit het onderzoek is gebleken dat de groep vrouwen die behandeld werden met de sonde niet langer of korter werd opgenomen in het ziekenhuis, dan de groep vrouwen behandeld met alleen een infuus. Een opname duurde gemiddeld 4 dagen. Ook was er geen verschil te zien in het aantal heropnames voor HG tussen de groepen, in beide groepen werden bijna 4 op de 10 vrouwen nog een keer of vaker opgenomen. Alle vrouwen die mee hebben gedaan aan het onderzoek hebben tijdens hun zwangerschap een aantal vragenlijsten ingevuld waarin ze verslag deden van hun klachten van HG. Wij hebben de vragenlijsten van de twee groepen met elkaar vergeleken en we hebben hier de conclusie uit kunnen trekken dat het type behandeling geen invloed heeft op ernst van de klachten die HG veroorzaakt.

    De kwaliteit van leven
    Wij hebben ook gekeken naar de kwaliteit van leven van de patiënten. Daarmee bedoelen wij in hoeverre de patiënt lichamelijk en geestelijk nog goed kan functioneren in het dagelijks leven. Uit de vragenlijsten die door de vrouwen zijn ingevuld is gebleken dat er geen verschil is tussen de kwaliteit van leven bij de verschillende groepen.

    De bijwerkingen
    Vrouwen die behandeld zijn met het infuus bleken weinig tot geen bijwerkingen van de behandeling te ervaren, terwijl vrouwen die behandeld werden met een sonde juist veel bijwerkingen hebben ervaren. Veel vrouwen hadden last van irritatie in de keel als gevolg van de sonde die door de keel liep. Daarnaast bleven veel vrouwen overgeven en werd de sonde bij veel vrouwen weer uitgespuugd. Hierdoor is de sonde bij veel vrouwen korter dan de zeven dagen blijven zitten, die eigenlijk de bedoeling waren.

    Conclusie
    Uit onze zorgevaluatie is gebleken dat sondevoeding als standaardbehandeling voor HG geen voordeel oplevert voor moeder en kind.
    We hebben gezien dat het geen invloed heeft op het geboortegewicht van het kindje, noch op het beloop van de ziekte, noch op de kwaliteit van leven. Echter is wel gebleken dat de behandeling via een sonde minder prettig wordt bevonden, aangezien de behandeling vaak gepaard gaat met veel bijwerkingen. Daarom werd de sondevoeding vaak binnen enkele dagen gestaakt.
    Wij kunnen hieruit de conclusie trekken dat de sondevoeding geen goede standaardbehandeling is voor HG. Het kan zijn dat sommige vrouwen met hele ernstige HG, bijvoorbeeld bij veel heropnames of veel gewichtsverlies, wel baat hebben bij sondevoeding. Dat hebben we in deze zorgevaluatie niet onderzocht en hier kunnen we helaas dus ook niets over zeggen.

    Let them eat!
    Een vaak gehanteerde richtlijn is het 24 uur, of langer, vasten om de maag ’tot rust te laten komen’ bij opname ten gevolge van HG. Een nieuwe studie laat zien: geen voordeel, patiënttevredenheid beter bij dieet naar keuze en mogelijk meer noodzaak tot medisch ingrijpen bij verplicht vasten.

    Diëtistenpraktijk Novita
    Sinds augustus 2020 biedt Diëtistenpraktijk Novita begeleiding bij extreme zwangerschapsmisselijkheid en hyperemesis gravidarum. Diëtist Laura Kool heeft zich verdiept in deze zwangerschapsaandoening en succesvol de geaccrediteerde bijscholing HG gevolgd. Als diëtist en vast aanspreekpunt kan zij zwangeren met HG door de zwangerschap heen begeleiden. Via de website van Novita kan afspraak gemaakt worden in de praktijk, maar er zijn ook een mogelijkheden voor online afspraken, hierdoor kunnen cliënten vanuit het hele land terecht bij Diëtistenpraktijk Novita. Zwangeren met HG kunt u doorverwijzen naar: www.dietist-novita.nl

    Helaas voelen vrouwen met HG zich soms nog steeds genoodzaakt hun zwangerschap te laten beëindigen. Zij ervaren hun symptomen en de ernst van hun aandoening als zo extreem, dat zij geen andere optie of uitweg meer zien. Soms wordt er zelfs door zorgprofessionals aangestuurd op abortus.

    Verschillende cijfers laten zien dat ongeveer 25% van de vrouwen met HG abortus in serieuze overweging neemt. 5-15% van deze vrouwen neemt daadwerkelijk de beslissing de zwangerschap te laten afbreken. BRON BRON, BRON Een onderzoek naar zwangerschapsbeëindiging door HG (2007) gaf een aantal prominente redenen weer die werden gegeven voor het beëindigen van de zwangerschap waren:
    – niet in staat zijn voor zichzelf of het gezin te zorgen (66.7%)
    – angst dat zij of hun baby zouden overlijden (51.2%)
    – angst dat hun baby afwijkingen zou hebben (22.0%)


    Uit: Severe hyperemesis gravidarum increases rates of termination of pregnancy and suicidal ideation: results from a UK questionnaire completed by >5000 participants, p. 12

    Herhalingsrisico
    Het herhalingsrisico op het krijgen van HG ligt volgens de literatuur tussen 15% en 80%. BRON Een preconceptie consult waarbij de grote kans op herhaling wordt besproken, en een goed opgesteld behandelplan zou vrouwen kunnen helpen om een goede afweging te maken. BRON

    Update: 25/5/2021: De herhalingskans op HG ligt op dit moment op 89%BRON

     

    Stichting ZEHG heeft een Standaard HG voorbereidingsplan opgesteld. Dit plan maakt zwangeren en hun partners bewust van de uitdagingen die ze mogelijk tegemoet gaan en geeft ze informatie over de mogelijke behandelmethoden. Het plan kan als leidraad gebruikt worden voor gesprekken met de verloskundige en de gynaecoloog. Op deze manier ontstaat er een door alle betrokken partijen gedragen plan en zal er tijdens de daadwerkelijke zwangerschap mogelijk minder verwarring ontstaan over het plan van aanpak.

    Geboorteland van invloed op kans HG
    Uit Noors onderzoek door Ase Vikanes blijkt dat je geboorteland van invloed is op de kans om HG te krijgen. Vrouwen die geboren zijn in India en Sri Lanka en wonen en zwanger zijn in Noorwegen blijken een ruim 3 keer grotere kans te hebben om HG te krijgen in hun zwangerschap. Er is gepoogd om dit verschil te verklaren, maar dit is helaas niet helemaal gelukt. Het verschil kan in elk geval niet verklaard worden door andere verschillen in socio-demografische kenmerken (burgerlijke staat, opleiding etc.), verschillen in dieet of een historie van infecties.  Naast het geboorteland vond Vikanes ook bewijzen dat de leeftijd van de zwangere vrouw (20 tot 24 jaar oud), de burgerlijke staat (getrouwd), het geslacht van het kindje (meisjes), dit wordt overigens in andere studies tegengesproken, en het aantal kindjes (meer dan 1) van invloed zijn op de kans om HG te ontwikkelen. Ook hier is niet bekend waarom juist deze groepen meer kans hebben om HG te krijgen in de zwangerschap.

    ZEHG Specials: Serie ‘Na HG’
    Er is helaas nog weinig tot geen onderzoek gedaan naar het herstel na HG. Stichting ZEHG zocht contact met diverse zorgprofessionals, met en zonder eigen ervaring met HG, om hun ervaringen en tips te bundelen in de serie ‘Na HG

    Doordat de oorzaak van Hyperemesis Gravidarum (HG) nog steeds niet bekend is, is het moeilijk om HG in volgende zwangerschappen te voorkomen. In een Canadees onderzoek hebben Koren en Maltebe (2004) toch getracht hier onderzoek naar te doen door te bekijken of preventieve behandeling met antimisselijkheid medicijnen kan helpen bij het voorkomen van HG. Aan het onderzoek namen 24 vrouwen deel waarvan 12 een preventieve behandeling kregen en 12 in de controlegroep zaten die pas behandeld werden als er symptomen optraden. Alle vrouwen hadden in voorgaande zwangerschappen last gehad van een extreme vorm van misselijkheid en braken.

    De 12 vrouwen die preventief behandeld werden, kregen 10 mg pyridoxine gecombineerd met 10 mg doxylamine (Diclectin®, een antimisselijkheid medicijn dat niet verkrijgbaar is in Nederland). Dit medicijn kregen ze soms al voor conceptie, maar in alle gevallen voor de 7e week na bevruchting. Bij alle 12 vrouwen werd de behandeling begonnen voor er symptomen van misselijkheid en braken optraden. Bij 9 van de 12 vrouwen verminderde de ernst van de symptomen ten opzichte van hun voorgaande zwangerschappen significant gedurende hun huidige zwangerschap. De symptomen verminderde in ernst van ernstig naar mild bij 5 vrouwen en van ernstig naar gemiddeld bij 4 vrouwen. Bij 3 vrouwen kwamen de symptomen van misselijkheid en braken onveranderd terug. Ook het aantal vrouwen dat moest worden opgenomen in het ziekenhuis verminderde door de preventieve behandeling. In voorgaande zwangerschappen moesten 8 van de 12 vrouwen worden opgenomen in het ziekenhuis, door de preventieve behandeling moest slechts 1 van de 12 vrouwen worden opgenomen in het ziekenhuis.

    In de controlegroep werden de 12 vrouwen conform het normale protocol voor HG behandeld en kregen zij pas medicatie als de symptomen van misselijkheid en braken optraden. Van deze 12 vrouwen had slechts 1 vrouw minder ernstige symptomen gedurende haar huidige zwangerschap. De ernst van haar symptomen verbeterde van ernstig naar gemiddeld.

    De resultaten van de studie van Koren en Maltebe laten zien dat een preventieve antimisselijkheid behandeling de mate van ernstige misselijkheid en braken gedurende de zwangerschap kan verbeteren. De Canadese organisatie Motherisk is momenteel bezig met een gerandomiseerd onderzoek met controlegroep om de bevindingen in deze studie te bevestigen en de preventieve behandeling met doxylamine-pyridoxine te vergelijken met het reguliere behandelprotocol (waar pas begonnen wordt met medicatie als er symptomen optreden). De patiënten die worden bestudeerd zijn vrouwen die een zwangerschap plannen of die net zwanger zijn en extreme misselijkheid en braken gedurende hun voorgaande zwangerschap ervoeren.

    Op de pagina ‘Na HG‘ vindt u een overzicht van tips voor vrouwen bij het voorbereiden op een mogelijk volgende HG zwangerschap.

    Risico’s en gevolgen HG

    Onderzoek laat zien dat HG naast lichamelijk impact, ook invloed heeft op het dagelijks functioneren en de kwaliteit van leven van de (aanstaande) moeder. Daarnaast zijn er aanwijzingen dat HG nadelige effecten kan hebben op de gezondheid van het (ongeboren) kind.

    Mogelijke foetale complicaties van HG:

    • Vroeggeboorte
    • Aangeboren hartafwijkingen
    • Integumentum afwijkingen
    • Laag geboortegewicht
    • Kortere lichaamslengte
    • Niet ingedaalde testikels (cryptorchidism)
    • Heupdysplasie
    • Neurologische sequelae
    • Skeletafwijkingen
    • Perinatale sterfte
    • Gedrags- en emotionele stoornissen
    • Sensory Processing Disorder

    Bron: HER Foundation

    Posttraumatische stressstoornis
    HG heeft niet alleen een grote impact op de kwaliteit van leven voor de moeder tijdens de zwangerschap, bijna 20% van de vrouwen houdt een posttraumatisch stressstoornis over aan een HG zwangerschap. BRON

    Suïcidaliteit en suïcidale gedachten
    Een recente studie onder 5071 Engelse vrouwen met HG concludeerde dat 31.2% van deze vrouwen tijdens hun zwangerschap suïcidaliteit of suïcidale gedachten ervaarden.

    Impact
    Hyperemesis gravidarum wordt door zwangere vrouwen als een onbegrepen fenomeen ervaren. Onderzoek naar de psychische klachten bij vrouwen met HG is uitgevoerd door o.a. Koken e.a. (2008) Zij menen dat angst en depressie de ernst van misselijkheid en overgeven in de vroege zwangerschap doet verergeren. Tan e.a. (2010) menen echter dat de richting van het verband niet duidelijk is en verklaren uit hun onderzoeksresultaten dat angst en depressie waarschijnlijker een gevolg zijn van HG en niet de oorzaak.

    Opvallend is dat het allemaal correlationele studies betreft. Psychische klachten worden bij vrouwen gemeten op het moment dat ze zwanger zijn en HG ervaren. Door onderzoek op een dergelijke manier uit te voeren, blijft het onbegrepen of dergelijke klachten een oorzaak of een gevolg zijn van HG. Het is begrijpelijk dat vrouwen dankzij HG minder goed in hun vel zitten. Tan e.a. menen zelfs dat vrouwen met HG zich angstiger en depressiever voelen dan vrouwen die een maand na hun miskraam zitten. HG heeft begrijpelijk een grote impact waardoor het niet onlogisch is dat vrouwen dankzij deze ziekte psychische klachten ervaren. Tan e.a. vonden bijvoorbeeld dat werkende vrouwen met HG meer last hadden van angst dan niet-werkende vrouwen. Zij wijten dit aan stress die de vrouwen ervoeren omdat zij tegen of over het maximum aantal ziektedagen zaten dat ze konden opnemen. Om wel goed te kunnen aantonen waar HG door wordt veroorzaakt of verergerd, is er longitudinaal onderzoek nodig. Vrouwen moeten voordat ze zwanger raken, worden gemeten op een aantal factoren zodat er beter een relatie kan worden gelegd met een eventueel toekomstig ziektebeeld.

    Ismail en Kenny menen dat hyperemesis gravidarum onbegrepen is en dat meer onderzoek nodig is. Zij vinden dat HG meer als een syndroom moet worden benaderd met een complex systeem aan biologische, psychologische en sociaal-culturele factoren. Zodat er in de toekomst hopelijk een effectievere behandeling kan worden aangeboden.

    Onderschat de impact van hyperemesis gravidarum niet 
    In Women’s perspectives on the management and consequences of hyperemesis gravidarum werden 107 vrouwen geïnterviewd die zwanger waren of zwanger waren geweest (korter dan twee jaar geleden) en HG hadden. Uit dit onderzoek bleek dat de psychosociale gevolgen voor deze vrouwen groot zijn. De helft van de vrouwen voelde zich niet serieus genomen voelde door de huisarts of verloskundige, 19% van deze vrouwen veranderde zelfs van huisarts door onvrede over de begeleiding, en pas laat in de zwangerschap werd medicatie gestart; van de vrouwen die met ziekteverlof ging, kreeg 54,5% nog geen medicamenteuze behandeling. HG is zeldzaam en in dit onderzoek werd een geselecteerde groep vrouwen geïnterviewd: toch kan er geconcludeerd worden dat het belangrijk is de klachten serieus te nemen en op tijd medicamenteuze behandeling te starten. Ook Huisarts & Wetenschap schonk aandacht aan dit onderzoek en adviseerde huisartsen het volgende: ”De NHG-Standaard Zwangerschap en kraamperiode adviseert meclozine als middel van eerste en metoclopramide als middel van tweede keus. Beide middelen kunnen veilig worden gebruikt in de zwangerschap. Verwijs bij hyperemesis.”

    Psychosociale statistieken

    • 76.0% reported changes in their plans for future childbearing.
    • 19.4% developed a fear of pregnancy, and some specifically developed a fear of having sex.
    • 34.8% changed their mind regarding or considered limiting the number of children they planned to conceive.
    • 28.7% of women reported that their health-care providers were either uncaring or did not understand.
    • Several used adoption or surrogacy to reach their family goals or increased the spacing of their pregnancies.
    • 15.2% voluntarily terminated at least one pregnancy because of HG.
    • 6.7% reported serious psychological sequelae from their HG experience.
    Bron: https://www.nature.com/articles/7211906

    Een van de meeste ernstige complicaties zijn neurologische complicaties veroorzaakt door ondervoeding en elektrolytstoornissen. BRON

    Preventie wordt het best bereikt d.m.v.:

    • Effectieve anti-emetica
    • Lab monitoring
    • IV nutriënt suppletie
    • Zorgvuldige rehydratie

    Neurologische Complicaties: Centrale & Extra pontiene myelinolyse (Osmotic Demyelination Syndrome, ODS)
    ”Centrale pontiene myelinolyse is een neurologische aandoening waarbij de myelineschede van neuronen in de pons aangetast is. De aandoening kan veroorzaakt worden door een te snelle correctie van een verlaagde natriumspiegel. Een variant van deze aandoening is extrapontiene myelinolyse waarbij het cerebellum, basale ganglia, capsula interna, het corpus callosum gedemyeliniseerd raakt. Beide vormen worden opgevat als osmotisch demyeliniseerde aandoeningen. Beide aandoeningen kunnen gelijktijdig optreden.” BRON

    Neurologische Complicaties: Syndroom van Wernicke
    Wernicke-encefalopathie is een ernstige stoornis in de hersenen, veroorzaakt door een absoluut tekort aan vitamine B1 (Thiamine) Bij adequate en tijdige toediening van vitamine B1 (thiamine) is deze levensbedreigende aandoening reversibel. BRON

    Case Study HER Foundation
    In 2015 publiceerde de HER Foundation een Case Study on HG and WE/CPM/EPM for recommendations on identification, prevention and treatment,
    hierin kunt u meer lezen over deze neurologische complicaties, hoe deze te herkennen en (preventief) te behandelen.

    Thiamine

    Neurologische complicaties worden meestal veroorzaakt voor vitamine deficiënties, met name thiamine (vitamine B1) deficiëntie, aangezet door toediening van glucose-bevattende vloeistoffen voordat deficiënties gecorrigeerd zijn.

    Daarnaast is de veronderstelling dat vrouwen met totale parenterale voeding (TPV) geen Wernicke’s Encephalopathy (WE) kunnen ontwikkelen onjuist. TPV bevat vaak geen compleet vitamine-profiel en deze vrouwen lopen nog steeds risico. Zelfs een MVI (Multi Vitamin Infusion) bevat maar 6 mg thiamine terwijl er een veel hogere dosis wordt geadviseerd aan vrouwen met HG: een minimum van 100 mg thiamine dagelijks via infuus.

    Dosering
    Bij symptomen van WE, nog hogere doses zijn cruciaal bij het voorkomen van ernstige complicaties. Doses thiamine tot 1000 mg per dag voor 5 dagen tot 3 weken worden hier geadviseerd als behandeling voor WE, gevolgd door een orale dosering van 50-250 mg thiamine per dag voor minstens 6 weken, maar langer wanneer de cliënt een verminderde orale intake blijft houden.

    Relevante publicaties: 

    eMedicine.com: Wernicke Encephalopathy

    MEDLINEplus Medical Encyclopedia: Wernicke-Korsakoff syndrome

    MR imaging findings in alcoholic and nonalcoholic acute Wernicke’s encephalopathy: a review.

    PubMed Research on WE and HG


    Hyperemesis gravidarum werd in een meta-analyse uit 2011 geassocieerd met een groter risico op een laag geboortegewicht (<2500 gram) en vroeggeboorte (<37 weken) BRON  Met name vrouwen met HG die onvoldoende aankomen in de zwangerschap (<7kg) of bij wie klachten aanhouden tot en met het tweede trimester lijken een grotere kans op negatieve geboorte uitkomsten te hebben. BRON 1 BRON 2

    Uit eerder onderzoek van Veenedaal en Van Oppenraaij bleek al dat HG is geassocieerd met een laag geboortegewicht en prematuur en dysmatuur geboren baby’s. Samen met het Hongerwinter onderzoek en het onderzoek van Fejzo blijkt dat een zwangerschap gekenmerkt door HG ernstige gevolgen kan hebben voor de baby die daaruit geboren wordt. Daarmee wordt vroege, adequate en multidisciplinaire behandeling van HG noodzaak. Verloskundigen en artsen kunnen vrouwen die aan deze ziekte lijden niet langer negeren. Hen niet of niet goed behandelen betekent hun baby risico laten lopen.

    Onderzoek door Marlena Fejzo van de Universiteit van Californië toont aan dat baby’s geboren bij vrouwen die tijdens de zwangerschap met extreme misselijkheid en overgeven kampten een ruim 3 keer grotere kans hebben op neurologische ontwikkelingsstoornissen. Het gaat bijvoorbeeld om aandacht-stoornissen, leerproblemen, sensorische stoornissen en vertragingen bij taal en spraak ontwikkeling.

    Fejzo vond dat vooral baby’s van vrouwen waarbij symptomen van HG al zeer vroeg in de zwangerschap optraden risico liepen op neurologische ontwikkelingsstoornissen. Behandeling van HG met bijvoorbeeld medicijnen bleek geen rol te spelen.

    De precieze oorzaak van de neurologische ontwikkelingsstoornissen werd niet ontdekt. Fejzo wijst naar een aantal mogelijkheden zoals afwijkingen in de zwangerschapshormonen, hormonale veranderingen door extreme stress in verband met HG of het gebrek aan vitamines en ondervoeding bij de moeder door HG.

    Het Hongerwinter onderzoek dat uitgevoerd werd door het Amsterdam UMC wees op mogelijke problemen bij baby’s die tijdens de zwangerschap waren blootgesteld aan ondervoeding bij de moeder. Zij hebben op latere leeftijd kans om verschillende lichamelijke klachten te ontwikkelen, zoals hart- en vaatziekten, longziekten of suikerziekte.

    Research laat een inconsistent beeld zien in de lange termijn gevolgen van vroegtijdige ondervoeding in de zwangerschap. Sommige onderzoeken zien geen gevolgen hiervan bij het kind, anderen concluderen een verhoogd risico op psychiatrische-, stofwisselings- en hart- en vaatziekten. Kinderen van vrouwen die veel stress ervaren tijdens en/of geïmmobiliseerd zijn door zwangerschap hebben een verhoogd risico op sensorische integratie stoornissen, deels te wijten aan cortisol exposure en een onderontwikkeld vestibulaire systeem.

    Praktische tips voor zorgprofessionals

    Hieronder een overzicht van een aantal praktische zaken, zoals presentaties, downloads en tips om de hulpverlening voor vrouwen met hyperemesis gravidarum nog meer te optimaliseren.

    Vrouwen met ernstige zwangerschapsmisselijkheid en/of hyperemesis gravidarum kunt u verwijzen naar onze website (www.zehg.nl) of wijzen op de besloten praatgroep op Facebook. Lotgenotencontact voor zwangeren die kampen met (ernstige) zwangerschapsmisselijkheid en/of HG is erg waardevol en kan zelfs vermindering van klachten geven. Herkenning en erkenning door middel van lotgenotencontact kan ervoor zorgen dat stressniveaus dalen en psychische problemen en stoornissen ten gevolge van HG verminderen of zelfs voorkomen worden.

    In samenwerking met Stichting ZEHG organiseert verloskundige Marjolein Houben (Just Grow) een geaccrediteerde bijscholing over het onderwerp hyperemesis gravidarum. Tijdens de scholing komt u meer te weten over o.a. de definitie, oorzaak, diagnose, gevolgen, behandeling, ervaring pte, zorgplan en handvaten voor een evt. volgende zwangerschap.

    Op deze pagina vindt u uitgebreide informatie over deze trainingen.

    International Colloquium on Hyperemesis Gravidarum

    Tweejaarlijks congres over hyperemesis gravidarum

    Elke twee jaar wordt er een internationaal colloquium over hyperemesis gravidarum georganiseerd door The International Collaboration for Hypermesis Gravidarum Research: een werkgroep bestaande uit patiëntenverenigingen en clinici.

    In 2019 hoste Stichting ZEHG het 3e ICHG in Amsterdam en bracht de meest toonaangevende researchers en vooraanstaande medici op het gebied van hyperemesis gravidarum samen om op de hoogte gesteld te worden van de laatste onderzoeksresultaten en innovatieve behandelmethoden voor deze complexe aandoening. Op de ICHG website vindt u alle presentaties terug.

    Tijdens ICHG 2019 (International Colloquium on Hyperemesis Gravidarum) in Amsterdam presenteerde een aantal internationale zorgprofessionals praktische workshops met tips over (omgaan met) HG. Een aantal hiervan zijn via onderstaande links te bekijken:

    What Do Our Service Users Want? – Rebecca Painter
    Dietary Information and Support – Marian McBride
    Mental Health Information and Support – Michelle Nicholson 

    Alle overige (wetenschappelijke) presentaties zijn te bekijken via HGResearch.org

    Tijdens ICHG 2019 (International Colloquium on Hyperemesis Gravidarum) in Amsterdam presenteerde een aantal internationale zorgprofessionals praktische workshops met tips over (omgaan met) HG. Een aantal hiervan zijn via onderstaande links te bekijken:

    What Do Our Service Users Want? – Rebecca Painter
    Dietary Information and Support – Marian McBride
    Mental Health Information and Support – Michelle Nicholson 

    Alle overige (wetenschappelijke) presentaties zijn te bekijken via HGResearch.org

    • Neem vrouwen die met zwangerschapsmisselijkheids/HG klachten op uw spreekuur komen serieus! Als een vrouw de stap heeft gemaakt om met misselijkheidsklachten langs te komen, zijn de klachten vaak ernstiger dan zij aangeeft. Waarschijnlijk heeft ze er lang over nagedacht of het wel nodig is om met zwangerschapsmisselijkheidsklachten naar een arts te gaan omdat ze van iedereen hoort ‘dat het er bij hoort’. Het kan goed dat zij de klachten als minder ernstig voor doet dan ze zijn. Gebruik eventueel de Rhodes Index of Vomiting, Nausea and Retching om de ernst van de misselijkheid helder te krijgen;
    • Als vrouwen met HG uitgedroogd zijn, wordt in het ziekenhuis vocht gegeven middels een infuus. Maar juist door die uitdroging zijn vrouwen met HG bijzonder moeilijk te prikken, vooral als de uitdroging ernstig is. Het is belangrijk hier aandacht voor te hebben en de tijd te nemen voor het zetten van een infuus;
    • Sondevoeding wordt bij de behandeling van HG regelmatig gebruikt (zie voor vroege toepassing van sondevoeding ook de Mother Trial), maar kan zeer belastend zijn voor vrouwen met HG. Vrouwen met HG hebben vaak een hypergevoelige kokhalsreflex waardoor het inbrengen van een sonde extreem naar is. Ook geven zij zo krachtig over, dat het met regelmaat voorkomt dat ze de sonde weer uitspugen, zelfs een duodenumsonde kan worden uitgespuugd;
    • Alhoewel de oorzaak van HG niet psychisch is, kan de HG zelf wel emotionele en psychische problemen veroorzaken. Vrouwen ervaren ernstige HG klachten soms als zeer traumatisch en ervaren ook vaak schuldgevoelens en schaamte doordat hun zwangerschap niet het normale verloop heeft, zij afhankelijk zijn van anderen, niet deel kunnen nemen aan het normale leven, een belasting vormen voor hun partner en ze niet voor hun kinderen kunnen zorgen. Het is belangrijk om aandacht aan deze klachten te schenken;
    • Wacht niet te lang met behandeling van HG. Vrouwen met HG komen snel in een vicieuze cirkel terecht waardoor de klachten steeds ernstiger worden en moeilijker te behandelen;
    • Wees eerlijk en realistisch over de behandeling van HG. Vergewist u zich ervan als zorgprofessional dat er geen mogelijkheden meer zijn. Wilt u meer weten over mogelijkheden rondom behandeling van HG, neem dan contact op met ons. Wij werken samen met specialisten op het gebied van HG door Nederland en kunnen fungeren als linkin’ pin tussen zorgprofessionals voor intercollegiaal overleg;
    • Probeer de behandeling van HG als geheel te zien en behandel niet alleen als de vrouw met HG in het ziekenhuis ligt. De kans op een terugval na een ziekenhuisopname is groot en dit komt minder als een klap als men hier op bedacht is. Vrouwen vinden het ook fijn als de verloskundige contact houdt en behulpzaam is bij de behandeling. HG is vaak juist het meest ernstig in de eerste periode van de zwangerschap, als vrouwen nog niet vaak naar de verloskundige gaan maar juist wel behoefte hebben aan informatie en tips;
    • Geef vrouwen met HG extra echo’s of laat vaker naar het hartje van de baby luisteren! Het is moeilijk het idee van zwanger zijn vast te houden als je je alleen ellendig voelt en verder niets van de baby merkt. Juist doordat vrouwen meer contact maken met de baby en dit idee meer vorm krijgt, wordt de HG draaglijker;
    • Behandel vrouwen met HG en hun partner met compassie en begrip. HG heeft een enorme impact op het leven van deze vrouwen en op hoe ze hun zwangerschap beleven. Besef dat uw reactie op hun klachten invloed heeft op het emotionele welbevinden van de vrouw;
    • De misselijkheid waarvan sprake is bij vrouwen met HG volgt niet altijd dezelfde regels als misselijkheid die je bijvoorbeeld ziet bij griep of voedselvergiftiging. Sommige vrouwen met HG hebben bijvoorbeeld baat bij zware of vette voedingsmiddelen, maar moeten daarna overgeven door een andere prikkel. Men heeft hierdoor soms het gevoel dat de zwangere vrouw de misselijkheid zelf over zich afroept door bijvoorbeeld frietjes of ander junkfood te eten, maar die dingen zijn op dat moment het enige wat aanspreekt en mogelijk een kans heeft binnen te blijven. Dit zegt niets over de ernst van de HG;
    • Vrouwen met HG reageren vaak zeer sterk op geurprikkels, zoals kookluchtjes en parfum. Het is erg fijn als hier bij bijvoorbeeld keuze van een kamer in het ziekenhuis rekening mee wordt gehouden. Men kan hier ook rekening mee houden door bij behandeling van vrouwen met HG geen sterke luchtjes te dragen
    • Wilt U ook met ons samenwerken en vrouwen met HG de juiste begeleiding bieden ? stuur dan een mail naar info@zehg.nl o.v.v. aanmelden specialistische begeleiding. Vermeld daarin het volgende:
      • Wat zou U kunnen betekenen voor zwangeren met HG en / of dames die HG meemaken of gaan meemaken
      • Waarin onderscheid U uzelf van andere zorgprofessionals
      • Waarin denkt u / handelt u hetzelfde als onze gedachtengoed

     

     

     

     

     

    In deze sectie van de website zetten wij de specialistische begeleiding op een rijtje waar Stichting ZEHG mee samenwerkt: Specialistische begeleiders

    Wilt u ook met ons samenwerken en vrouwen met HG de juiste begeleiding bieden ? stuur dan een mail naar info@zehg.nl o.v.v. aanmelden specialistische begeleiding. Vermeld daarin het volgende:
    • Wat zou u kunnen betekenen voor zwangeren met HG en / of dames die HG meemaken of gaan meemaken
    • Waarin onderscheidt u uzelf  van andere zorgprofessionals
    • Waarin denkt u / handelt u hetzelfde als onze gedachtengoed
    Back To Top