skip to Main Content

Stichting ZEHG

Groot Zuideveld 152

4271 CD Dussen

RSIN: 853225345

KvK: 58889914

Rekeningnummer: NL98RABO0138707030

Heb je vragen of wil je contact met ons? Stuur en berichtje via het contactformulier hiernaast.

Hoe heet je? (verplicht)

Je e-mail (verplicht)

Onderwerp

Je berichtje

Het begin van een zwangerschap met Hyperemesis Gravidarum…

De ochtend van dé test, was ik alleen thuis. Snel voor mijn werk gedaan, want ik wilde het zeker weten. Ik was net een paar weken gestopt met de anticonceptiepil, had nog geen menstruatie gehad en ik voelde me niet lekker. Al een aantal weken was ik snel moe en had hartkloppingen. Dat laatste heb ik vaker en de moeheid? Het zal wel door mijn twee nieuwe banen komen. Ik hoorde een stemmetje in mijn hoofd die zei: je bent zwanger, maar eerdere testen waren negatief en misschien hoorde ik dit stemmetje alleen maar omdat ik heel graag zwanger wilde zijn. Tijdens het wachten op de uitslag, bedacht ik me dat ik de avond ervoor had gezegd dat we misschien toch moesten wachten, tot ik me weer beter voelde. Maar ineens verschenen er twee streepjes in beeld: ZWANGER. Op het werk deed ik nog een test: ZWANGER. Ik kreeg kriebels in mijn buik van deze kleine baby! De hele dag heb ik nagedacht, hoe ik Sander dit nieuws kon vertellen. Een klein cadeautje bracht het grote nieuws en samen draaiden we een rondje door de keuken. Hij was net zo blij als ik, gelukkig!

De eerste week dat ik het wist, vond ik het één grote roze wolk! Ik was zo blij dat dit ons gegund was. In onze omgeving zijn er meerdere verhalen waarbij het niet wil lukken en wij? Wij hadden het geluk dat het heel erg snel ging en niets op zich liet wachten. De moeheid en hartkloppingen nam ik voor lief. Het kon altijd erger en ik vertelde de verloskundige dat ik verder geen klachten had toen ik de afspraak voor de eerste controle maakte.

De roze wolk werd kleiner toen de misselijkheid en het overgeven na één week begon. Ik moest me één dag ziek melden op het werk en ik vond het vre-se-lijk. Toen ik de volgende dag nog even misselijk en wit aan de koffietafel zat op het werk, zei een collega: kom maar niet te dicht in de buurt, met deze griep wil ik niet besmet worden. Ik moest ervan glimlachen en wist dat waar ik last van had, niet besmettelijk was. De misselijkheid werd minder en ik dacht bij mezelf: deze twee dagen dat overleefde ik wel.

Maar het bleef niet bij deze twee dagen. De misselijkheid, het overgeven, het kwam keihard terug. Ik rende op mijn werk naar de wc om daar te kunnen overgeven, waardoor ik besloot mijn werkgevers en collega’s in te lichten. Ik was toen ongeveer 6 weken zwanger van deze kleine baby.

Daarna bleef het slechter gaan. Het overgeven kwam steeds vaker voor en ik hield steeds minder eten binnen. Opnieuw meldde ik me ziek op het werk en heb in het weekend zelfs de huisartsenspoeddienst gebeld of ik alsjeblieft wat kon krijgen. Ik kreeg Emesafene, een vriendin van mij had hele goede ervaringen hiermee. Helaas, bij mij had het geen effect. Ik bleef overgeven, kon niet aan het werk en voelde me schuldig. Stelde ik me aan? Hoezo kon ik niet naar mijn werk? Bijna elke zwangere vrouw is toch misselijk in het begin? Ik had het flink onderschat.

Van de huisarts mocht ik Primperan proberen, naast de gembercapsules, gemberthee, Antagel, accupunctuur, reisbandjes en alle goed bedoelde adviezen van iedereen, inclusief internet. Het  had allemaal geen effect en de slaapkamer werd de ruimte waar ik de meeste tijd doorbracht. Ik wist niet meer waar ik het zoeken moest en wat zat ik er doorheen…

Meer lezen? Binnenkort komt het vervolg op dit blog. En tot die tijd zijn er nog heel veel andere verhalen te vinden op de site.

Het eerste ziekenhuisbezoek, waar er nog meer zouden komen…

Na mijn ziekmelding ben ik wel weer een paar uurtjes per week aan het werk gegaan. Hoe slecht ik me ook voelde, hoe erg ik er ook doorheen zat. Ik wilde me niet laten kennen en ook mijn schuldgevoel speelde hierin mee. Ik moest en zou laten zien dat ik het allemaal wel aankon. Ik was tenslotte zwanger, niet doodziek. Al voelde ik me soms wel zo, maar ‘zwangerschap is een gezonde ziekte’ hoorde ik meerdere keren. Het zal er wel bij horen en het gaat weer over, dacht ik. En elke week werd ik drie dagen per week gebracht en gehaald naar en van mijn werk, want autorijden terwijl ik me zo beroerd voelde, dat durfde ik niet aan. Het kostte me al mijn energie en alle andere dagen had ik nodig om die week daarop weer naar mijn werk te gaan.

Tot de dag van mijn eerste opname. Ik werd wakker, bleef ieder kwartier gal spugen en ik kon niet meer. Ik had geen energie meer om dit op te vangen. Toen ik belde met de doktersassistente, liet ze me binnen een uur bij een vervangend huisarts op het spreekuur komen. Half aangekleed met spuugemmer gingen Sander en ik naar de huisarts. Het was teleurstellend, maar te zwak om er tegenin te gaan heb ik me naar huis laten sturen met opnieuw Emesafene (wat niet geholpen had) en de opmerking dat een zwangerschap 40 weken duurde en of ik hier inmiddels anders over dacht? Sander was woedend.

Toen hij de medicatie ophaalde, besefte ik me dat ik het niet meer vol kon houden. Ik ben teruggegaan naar de doktersassistente, heb gehuild aan de balie en moest daar voor het eerst toegeven dat ik het niet meer aankon. Ik wist niet dat accepteren zo moeilijk was! De huisarts riep ons opnieuw binnen en in overleg met de gynaecoloog mocht ik naar het ziekenhuis.

In het ziekenhuis stopte het braken niet, bleken er ketonen in mijn urine te zitten en kreeg ik een infuus volgens het ‘hyperemesis gravidarum protocol’. Tenminste toen het infuus er eindelijk in zat. Door Zofran toe te voegen aan het infuus, stopte het braken en mocht ik aan het einde van de dag weer naar huis als er geen ketonen meer in mijn urine zaten. Dit bleek zo te zijn, maar ik moest de volgende dag wel teruggekomen voor controle en zo nodig opnieuw een infuus. Het infuus gaf alleen geen verlichting van mijn extreme moeheid en die avond moest Sander me nog meer dan anders ondersteunen om naar bed te komen.

De volgende dag waren we opnieuw in het ziekenhuis. Mijn urine werd gecontroleerd en de ketonen waren zo minimaal dat ik niet opnieuw aan het infuus hoefde. Ha, dacht ik! Zie je wel? Nu is het tijd om erbovenop te komen. Ik was toen ongeveer 13 weken zwanger en had uitgekeken naar het moment dat de 12 weken voorbij waren, want dan zouden de klachten voorbij zijn toch? Het tegendeel bleek waar.

Meer lezen? Binnenkort komt er weer een vervolg op dit blog. En tot die tijd zijn er nog heel veel andere verhalen te vinden op de site.

Hyperemesis Gravidarum is keihard – Accepteren kun je leren, zeggen ze

In de weken na mijn eerste opname veranderden mijn klachten weinig. Ondanks de Zofran in tabletvorm bleef ik braken. Het braken was in mindere mate en op goede dagen kon ik zelfs wat eten. Maar veel te weinig om voldoende aan te sterken. Ik bleef tegen mezelf zeggen wat de gynaecoloog had gezegd: ‘’Het hoeft niet zo te zijn dat dit de hele zwangerschap duurt, maar het is moeilijk om te zeggen wanneer het beter wordt. Bij sommigen is het na 12 weken, na 14 weken, na 16 weken, na 18 weken of na 20 weken.’’  Ik vond het lastig om niet te weten wanneer het zou stoppen, maar het zou stoppen. Want ‘’in de meeste gevallen duurt het niet de hele zwangerschap’’ en ik vertrouwde daarin absoluut op mijn gynaecoloog.

Inmiddels hadden we ook een rolstoel gehuurd. Door de hele situatie kwam ik amper buiten, maar toch vond ik de rolstoel een grote stap. Een hele grote stap om nog meer te accepteren dat ik afhankelijk was. Sander hielp me al met aankleden (voor zover ik dat deed), douchen en ook het huishouden deed hij volledig alleen. Maar doordat ik weer naar buiten kon, bleek het huren van een rolstoel een hele goede keuze! Het deed me goed om andere dingen te zien dat de vier muren van onze slaapkamer en de badkamer.

In de weken die volgden bleef ik erg afhankelijk. Ik lag nog steeds veel op bed en had overal hulp bij nodig. Alleen op de trap naar boven lopen? Doodeng. Douchen terwijl er niemand bij mij in de badkamer was? Echt niet.

Een lastige bijkomstigheid vond ik de gesprekken bij de bedrijfsartsen. Omdat ik twee banen had, moest ik ook twee bedrijfsartsen bezoeken. Ik vond het spannend. Ik was nog nooit bij een bedrijfsarts geweest en had geen idee wat ik moest verwachten. De hele situatie was ook voor mij nieuw en ik had nog steeds de hoop dat mijn klachten over zouden gaan. Ik had nog even tot de 20 weken die de gynaecoloog als uiterste had genoemd. De gesprekken gingen trouwens erg goed. Beide bedrijfsartsen hadden veel begrip voor de situatie en het stelde me gerust.

Het was dan ook een grote teleurstelling toen bleek dat één van mijn werkgevers mijn contract niet zou verlengen. Mijn contract liep af en doordat ik al zo vroeg in de ziektewet kwam, maakte ik onvoldoende uren om mijn opleiding (die ik via hun volgde) af te ronden in de tijd die hiervoor stond. Laat het duidelijk zijn dat mijn werkgever deze keuze niet heeft gemaakt, omdat ik zwanger was of vanwege de bijkomende klachten. De keuze is gemaakt, omdat ik mijn opleiding niet kon behalen binnen de tijd die ervoor stond en mijn werkgever heeft zelfs aangegeven dat ik na mijn zwangerschap terug kon komen. Maar mijn teleurstelling werd hierom niet minder. Toch probeerde ik het positief in te zien. Hierdoor kon ik me richten op mijn andere werk en besloot, zodra het kon, mijn werk elke week te bezoeken. Ik wilde vooral graag contact houden met mijn collega’s. Waarom? Hoe slecht ik me ook voelde, hoe afhankelijk ik ook was, ik voelde me nog steeds schuldig . Ik wilde dolgraag weer aan het werk en beloofde mezelf dat ik alles zou doen om dat de realiseren. Want accepteren dat dit het was? Nooit.

Meer lezen? Binnenkort komt er weer een vervolg op dit blog. En tot die tijd zijn er nog heel veel andere verhalen te vinden op de site.

Als er geen opties meer lijken te zijn…

Ik bleef moeite houden met het idee dat ik mijn situatie moest accepteren en op de momenten dat ik het zwaar had, was ik vaak boos op mezelf. Waarom heb ik dit? Waarom voelt het zo oneerlijk? Juist terwijl deze kleine baby in mijn buik zo gewenst en geliefd is.

Gelukkig had ik meerdere lieve verloskundigen die alles wilden doen om het voor mij draagbaarder te maken. Vaker op controle? Geen probleem, ik mocht altijd bellen. De verloskundige gaf aan dat dit geen gewone zwangerschapsmisselijkheid meer was, maar hyperemesis gravidarum. Haar woorden zorgden voor opluchting. Ik wist wat hyperemesis gravidarum was. Ik had erover gelezen. Ik had mezelf erin herkend, maar niemand benoemde het. Tot dat moment. Tijdens dezelfde controle besloot ze me opnieuw door te sturen naar de gynaecoloog. In alle weken had ik regelmatig contact gehad en om adviezen gevraagd. Inmiddels konden zij geen opties meer aanbieden en omdat ik bleef afvallen en zo weinig energie had, leek dit de beste keuze. Ik hoefde niet direct gezien te worden. Ik was niet uitgedroogd en onze kleine baby deed het heel goed. Gelukkig!

De dag van de controle bij de gynaecoloog begon zoals alle anderen. Wakker worden –  braken – rustig aan doen – wat proberen te drinken – proberen uit bed te komen en weer een ziekenhuisbezoek. We bespraken met de gynaecoloog de opties die ik nog had. Zij wilde niet direct starten met sondevoeding en ik begreep haar. Maar ik vroeg mezelf af: zijn er nog wel opties? Op haar verzoek zou ik de volgende dag door een diëtiste gezien worden, die verder zou bepalen. Opgelucht dat we verder zouden kijken, maar even slap ging ik weer naar huis.

Dezelfde dag kreeg ik aan het einde van de middag enorme pijn in mijn rug en zij. Ik had al een keer eerder een aanval gehad en dacht aan ‘bandenpijn’. Zo noemde het internet dit en ik vond het een logische verklaring. Maar de pijn die ik nu voelde, zakte niet meer af. Sander belde na 15 minuten de verloskundige en we mochten direct langskomen. Op dat moment was ik doodsbang. Ik pufte de pijn weg en dacht: is dit een wee?! Mijn kleine baby is nog niet levensvatbaar met 22 weken! Na onderzoek van de verloskundige bleek dat ik niet aan het bevallen was, gelukkig. Ik werd opnieuw doorgestuurd naar de gynaecoloog en ik bleek last te hebben van nierstuwing. Wat dacht ik? De gynaecoloog legde uit dat er opnieuw ketonen in mijn urine zaten. Mijn lichaam wilde, omdat ik vocht tekort had, al het vocht vasthouden. In mijn nieren blijkbaar. Het resultaat was opnieuw een infuus met vocht en medicatie tegen de pijn. De volgende dag kreeg ik weer een echo. Alles was goed en ik mocht weer naar huis.

Uitgeput van de hele situatie, begon ik toch na te denken. Ik was over de helft van mijn zwangerschap en besefte dat de mijlpijl van 20 weken die de gynaecoloog had genoemd, voorbij was. Mijn situatie was nog niet veranderd en voor mij leken er geen opties meer te zijn. Er leken juist steeds meer klachten bij te komen. Totdat ik contact had met de diëtiste.

Wanneer bijvoeden noodzakelijk is

Toen de diëtiste belde, hadden we afgesproken dat ik zou starten met drinkvoeding. Kleine flesjes waar 300 calorieën in zaten. Het leek een goede oplossing te zijn voor mijn situatie en ik hoefde geen sondevoeding. Ik was in ieder geval een stap verder naar mijn herstel, wat voor mij nu wel mocht gaan beginnen. ‘Vrouwen hebben meestal de meeste energie in het tweede trimester’, las ik op internet. In mijn geval zeker niet.

In de week die volgde, probeerde ik de drinkvoeding. Het lukte me niet, terwijl ik juist ben van: als je iets wil, dan lukt het vanzelf. Ik werd meer misselijk en naast de drinkvoeding lukte het eten helemaal niet. Ik had geen smaak ontdekt waar ik wel goed op reageerde, terwijl ik zeker 8 smaken thuis had. Toen ik bij de diëtiste kwam voor controle, werd heel snel duidelijk dat ik er zelf niet goed bovenop kwam. Voor het eerst in mijn zwangerschap was ik niet afgevallen, maar op mijn oude gewicht was ik zeker nog niet. In overleg besloten we dat ik sondevoeding zou krijgen! Ik stond er volledig achter. Ik wilde er alles aan doen om mijn eigen leven ook weer een beetje beter te maken. Want wat bleken er veel momenten te zijn dat ik wilde opgeven, momenten dat ik niets anders deed dan huilen, momenten dat ik me eenzaam voelde en momenten dat ik het idee had er compleet alleen voor te staan. Natuurlijk wilde ik niet echt opgeven, ik hield vanaf moment één van deze baby. Natuurlijk wist ik dat iedereen deed wat hij of zij kon en natuurlijk wist ik dat het leven van andere mensen doorging, maar dat van mij stond stil. En dat vond ik enorm moeilijk. Sander was mijn steun en zonder hem, had ik dit nooit gekund.

Drie dagen later kon ik al terecht voor het plaatsen van de sonde. De diëtiste had bepaald dat het een jejunumsonde werd. Deze sonde ligt in de dunne darm, om het uitbraken te voorkomen. Tegen het plaatsen van de sonde zag ik erg op, maar ik vond mezelf nuchter genoeg. De sonde zou via mijn slokdarm gaan en niet via mijn luchtweg, dus ik kon gewoon blijven ademen. Op het moment dat ik moest wachten op de MDL-arts nam de spanning toe. Via de monitor zag ik mijn hartslag flink omhoog gaan. Ik lag daar alleen en probeerde rustig door te ademen. Terwijl ik daarop aan het focussen was, voelde ik de baby. Mijn hartslag zakte direct. Gelukkig deed onze baby het wel goed.

Toen ging de deur open. Er kwamen twee verpleegkundigen en een arts binnen. De verpleegkundigen gaven kort uitleg over de procedure en ze plaatsten verdovingsgel in mijn neus. Zodra dit was ingewerkt, begonnen ze. Ik vond het heel erg en heel naar en voelde opluchting toen ze na 10 minuten klaar waren. Ja, echt het duurde maar 10 minuten! Het voelde als een halfuur, een vreselijk halfuur. De verpleegkundige bracht me terug naar Sander en hij vroeg natuurlijk hoe het gegaan was. De verpleegkundige beantwoordde zijn vragen en ik? Ik voelde tranen opkomen. Ik vond het vreselijk. In de auto terug naar huis begon ik met huilen en ook thuis bleven de tranen komen. Dit zou ik nooit meer doen.

Meer lezen? Binnenkort komt er weer een vervolg op dit blog. En tot die tijd zijn er nog heel veel andere verhalen te vinden op de site.

Sondevoeding

Het ziekenhuis had thuiszorg ingeschakeld voor het aankoppelen van de sonde. Het woord thuiszorg deed me denken aan 80 jarigen en afhankelijkheid. Inderdaad, wéér afhankelijkheid. Maar gelukkig leerden ze me hoe ik zelf de sondevoeding aan en af kon koppelen. Daarnaast moest ik de sonde ook 4-6 keer per dag doorspoelen om te voorkomen dat hij verstopt raakte. Ik vond het plaatsen écht horror, dus spoelde ik netjes 4-6 keer per dag mijn sonde.

Een week na het plaatsen van de sonde had ik contact met mijn diëtiste. Ik kreeg 1500 calorieën, maar vond het best veel. Hierdoor lukte het me niet om zelf te eten, waardoor de sondevoeding het enige was wat ik binnenkreeg. Ik wilde juist heel graag blijven eten, om mijn maag te blijven stimuleren en mijn nieuwe doel was om niet de hele zwangerschap met een sonde te zitten. Natuurlijk hadden Sander en ik hierover flink gediscussieerd. Hij was blij dat ik eindelijk wat binnenkreeg en niet elke maaltijd een gevecht was. Maar de diëtiste ging akkoord met 1200 calorieën per dag en ik deed mijn best om weer te eten naast de sonde. Dit maakte me af en toe best misselijk en daardoor moest ik weer meer braken. Op zulke momenten streste ik, want het uitspugen van de sonde, betekende dat er een nieuwe geplaatst moest worden.  Maar ik merkte zeker verbetering! Het spugen werd minder en ik kreeg voldoende voeding binnen om ook daadwerkelijk wat te gaan ondernemen.

Dus deed ik dit, want ik had mezelf beloofd dat ik er alles aan zou doen om toch nog aan het werk te kunnen voor mijn zwangerschapsverlof. Op dat moment had ik nog 9 weken te gaan en daardoor moest ik wel een beetje doorzetten. Sander gaf meerdere keren aan dat ik misschien wat rustiger aan moest doen en dat ik mezelf zeker tegen zou komen, maar ik had geen belang bij die boodschap. Het ging toch goed? Ik kon verder lopen dan ooit! Klinkt enorm positief, maar eerlijk gezegd was ik blij met elke stap die ik na 10 meter nog kon zetten.

Twee dagen duurde het. Twee dagen had ik gedaan wat ik wilde (niet zoals andere mensen doen natuurlijk, maar voor zover ik kon). En daar lag ik weer, uitgeput en doodmoe. Opnieuw baalde ik. Opnieuw huilde ik. Opnieuw merkte ik dat ik deze situatie nog lang niet geaccepteerd had.

Door de emotionele rollercoaster namen mijn lichamelijke klachten ook weer toe. De Zofran leek minder te helpen en na alles wat ik at, nam de misselijkheid toe. Op één van deze momenten kon ik niet voorkomen dat ik moest braken. Het braken stopte niet en ik merkte na een paar keer overgeven dat ik een deel van de sonde in mijn mond had zitten. Shit! Het ging zo goed! Ik riep Sander en nadat hij een keer keihard gelachen had, haalden we (in overleg met de Spoedeisende Hulp) de sonde eruit. Eerst was ik kwaad dat hij moest lachen, maar eerlijk? Het was geen fraai gezicht. Omdat ik me zo goed voelde met sonde, had ik besloten de volgende dag toch een nieuwe te laten plaatsen. Bijzonder vond ik het om te merken dat ik mijn grenzen steeds bleef verleggen. Daarna besloot ik dat ik zin had in appeltaart met vanille cola… En we vertrokken dus samen naar de supermarkt.

Meer lezen? Binnenkort komt er weer een vervolg op dit blog. En tot die tijd zijn er nog heel veel andere verhalen te vinden op de site.

Dat is pech… sonde weg

De nacht zonder sonde sliep ik heerlijk. Ik was gewend aan de sonde, maar pas toen hij er niet meer in zat, merkte ik hoe prettig het was om niet de hele tijd een slangetje in je keel te voelen.

De volgende ochtend meldden we ons op de Spoedeisende Hulp. We moesten wachten in de wachtkamer, dan weer in een aparte ruimte. Totdat ze deze ruimte ook weer nodig hadden en we weer ergens anders naar toe moesten. Het wachten zorgde ervoor dat ik zenuwachtig werd. Ik zag er opnieuw tegenop, ondanks dat ik nu wist hoe het zou gaan. Toen ik eindelijk opgeroepen werd voor het plaatsen, had Sander mij al weer getroost en mijn tranen weggeveegd. Ik voelde me een emotioneel wrak dat overal om kon huilen tijdens deze zwangerschap. Ik trof dezelfde MDL-arts als de eerste keer en de beste man kon er niets aan doen, maar ik vond het vreselijk om hem opnieuw te zien. Tijdens het plaatsen van de sonde gaven de verpleegkundigen aan dat het erg goed ging. En ook daarbij vermoedde ik dat ze dat tegen iedereen zeggen. Wie geeft het eerlijk toe als het helemaal niet zo subtiel gaat? Na het plaatsen mocht ik terug naar Sander en weer was ik dolgelukkig om hem te zien. Hoe zou ik dit alleen moeten doen?

Hoewel de nacht ervoor zo rustig verliep, was de eerste nacht met mijn nieuwe sonde alles behalve. Er bleven alarmen afgaan op de pomp en die gaf aan dat de uitgaande slang verstopt zat.  Eerst vermoedde ik dat ik weer eens op de slang lag, maar na drie keer leek dit wel onwaarschijnlijk. Het doorspoelen ging moeizaam en allebei uitgeput en doodmoe waren Sander en ik ook niet het beste team. Voor het eerst tijdens mijn zwangerschap kregen we een woordenwisseling. De volgende ochtend zeiden we allebei snel sorry. We beseften dat we elkaar nodig hadden, ik hem iets meer dan hij mij.

Het doorspoelen van de sonde lukte ook de volgende dag niet. De alarmen van de pomp bleven afgaan en die ochtend daarop meldden we ons opnieuw op de Spoedeisende Hulp. Na 1,5 uur te wachten, bleek dat er in het ziekenhuis in onze woonplaats in het weekend geen MDL-arts aanwezig was. We vertrokken naar het volgende ziekenhuis en de volgende Spoedeisende Hulp, waar we goed werden ontvangen en waar ik opnieuw een nieuwe sonde kreeg. De MDL-arts bleek hartstikke aardig. Ik had namelijk alle MDL-artsen al afgeschreven en was heerlijk bevooroordeeld het gesprek met hem ingegaan. Na het plaatsen van een nieuwe sonde, lukte het doorspoelen nog steeds niet. De sonde moest zover teruggetrokken worden, dat hij niet meer in mijn darm zat, maar in mijn maag. In overleg besloten we dit af te wachten. Misschien zou het goed gaan.

Het afwachten duurde tot de volgende ochtend. Opnieuw spuugde ik de sonde uit, want ik werd misselijk van de sondevoeding. Er zou nog één sonde geplaatst worden, maar dit was de laatste. Aangezien ik binnen twee weken drie sondes had gehad, vond de MDL-arts in overleg met de gynaecoloog dat dit het was. Ik baalde, ondanks dat ik de sonde en alle zorgen die erbij kwamen enorm vervloekt had, had ik wel meer energie. Als deze sonde niet bleef zitten, was dit het.

De laatste sonde werd geplaatst terwijl het 35+ graden was. Voor het plaatsen mocht ik 6 uur niet eten en drinken en voelde ik me slapper dan alle dagen daarvoor. Helaas hield deze sonde het 3 dagen vol, waarna ik hem weer uitspuugde. De 14 weken die nog volgden, zouden lang zijn zonder sonde.

Meer lezen? Binnenkort komt er weer een vervolg op dit blog. En tot die tijd zijn er nog heel veel andere verhalen te vinden op de site.

Als klachten niet alleen meer lichamelijk zijn…

In mijn vorige blogs beschreef ik hoe mijn zwangerschap er tot nu toe uit had gezien. Ik beschreef hoeveel impact het lichamelijk had en waar je lichaam doorheen moet. Ook schreef ik af en toe dat ik erdoor heen zat, dat Sander me weer had moeten troosten. Maar omdat HG niet alleen lichamelijk ongelofelijk veel impact heeft, besloot ik een blog te wijden aan de psychische klachten die je er gratis bij krijgt en hoe ik dit heb opgepakt.

Al ruim voor de twintigste week had ik contact gezocht met de POH-GGZ in mijn huisartsenpraktijk. Op dat moment kon ik de nare gedachtes en eenzaamheid prima aan (tenminste meestal), maar ik wilde voorkomen dat ik na mijn zwangerschap psychische klachten zou krijgen. Helaas, ik zat niet op mijn plek bij deze vrouw. Ondanks dat zij mij overal wel in wilde ondersteunen en ik drie keer bij haar geweest ben, ze had nog nooit van HG gehoord. Ik voelde me onbegrepen en ben verder gaan zoeken. Door mijn eigen werkervaring wist ik dat er op heel veel plekken een enorme wachttijd is voor psychische hulp in Nederland. Ik besloot de gynaecoloog te vragen of zij mij door kon sturen naar Medisch Maatschappelijk Werk in het ziekenhuis en daar kon ik een week later terecht. Wat een fijne vrouw! Wat een fijne gesprekken! Ze was direct, maar duidelijk en voor het eerst in lange tijd voelde ik me niet schuldig. In overleg met haar besloot ik dingen te doen die ik leuk vond, als ik me goed voelde. Natuurlijk viel dit me zwaar. Leg eens uit dat je wel te zien bent op straat, maar niet aan het werk bent. In deze periode (rond 25 weken) zag ik voor het eerst dat ZEHG bestond en dat er een besloten praatgroep was. Ik las: ‘Ik vind vooral het onbegrip voor je continue ziek zijn heel moeilijk. Ik zie er niet heel ziek uit, maar ik moet er wel alles aan doen om niet in het ziekenhuis te komen’. Precies dit!

In de gesprekken met de medisch maatschappelijk werker bespraken we stress factoren. Onbewust bleken er daar heel wat van te zijn. Meningen van anderen, daar had ik het zwaar mee. Zij zei doodleuk dat mensen toch wel een mening hadden of ik daar nu mee zat of niet. Ze hielp me dingen los te laten en achteraf ben ik nog steeds blij dat ik bij haar terecht ben gekomen.

Er zijn namelijk heel wat nachten geweest, met name als Sander nachtdienst had, dat ik niet kon slapen en lag te draaien in bed. Natuurlijk was ik doodmoe, maar op sommige momenten wonnen mijn gedachten het van die moeheid. Dan dacht ik na over hoeveel ik had op moeten geven voor mijn zwangerschap, maar ik dacht vooral na over die meningen van anderen. Ik citeer: ‘Je ziet er al beter uit’ of ‘De rolstoel gebruik je zeker alleen voor conditietekort’ of ‘Je blijft er zo positief onder, het zal wel meevallen’. Nee, het viel niet mee. Ik voelde alleen op een gegeven moment niet meer de meerwaarde om alles met iedereen te bespreken en dat deed me goed. Ik voelde niet meer continue de druk om verantwoording af te leggen en het einde was zoek geraakt als ik toe had gegeven aan alle negativiteit.

Via ZEHG las ik dat veel vrouwen psychische klachten houden en ik snap precies waarom. De gevoelens die ik had, in combinatie met HG waren onbeschrijfelijk (ook al doe ik een poging tot). Alle zwangere vrouwen kunnen last krijgen van psychische klachten. Laten we alsjeblieft vergeten dat je ‘gek bent als je naar de psycholoog moet’ of ‘niet in staat bent om voor je kind te zorgen’. Als je hulp zoekt, laat dan zien dat je sterk genoeg bent om die hulp te vragen. Want het vragen, daar hebben we allemaal moeite mee. Maar meningen van anderen? Altijd aanwezig en totaal onbelangrijk.

Meer lezen? Binnenkort komt er weer een vervolg op dit blog. En tot die tijd zijn er nog heel veel andere verhalen te vinden op de site.

Back To Top